Ik sta naar mijn glas,
maar ik zie jouw gezicht.
Het beeld wil niet weg,
zelfs met mijn ogen dicht.
Jij ziet die familie,
zal het nooit meer verdwijnen.
Maar jij had geen keuze en voor mij bleef de pijn.
Niemand,
nee niemand,
kan me raken als jij zoveel geven.
Jij laat me leven.
Niemand,
nee
echt niemand,
waar ik zoveel van hou,
waarom ben jij nu niet meer bij mij?
Nee niemand,
niets of niemand,
kan me troosten als jij er niet bent.
Dus ik drink nog wat wijn.
Ja ik weet dat het mij niet zal helpen,
maar voor even,
heel even, verzacht het erbij.
Nee,
ik weet nog heel goed,
de dag dat je zei,
jij bent alles,
ja echt alles voor mij.
Maar als de wind,
waar jij had leven,
toch ben je nog hier,
want wij zijn voor altijd verweven.
Niemand,
nee niemand,
kan me raken als jij zoveel geven.
Jij laat me leven.
Niemand,
nee echt niemand,
waar ik zoveel van hou,
waarom ben jij nu niet meer bij mij?
Nee niemand,
niets of niemand,
kan me troosten als jij er niet bent.
Dus ik drink nog wat wijn.
Ja ik weet dat het mij niet zal helpen,
maar voor even,
heel even, verzacht het erbij.
Maar voor even,
heel even,
verzacht het erbij.
Đang Cập Nhật