Op ongeveer één boogschuit van hier
woont er een transylvaanse vampier.
Hij zit al jaren met verloofd
tussen de graven van ons kerkhof.
Hij
leeft alleen van maagdebloed
en af en toe wat suikergoed.
Maar de laatste tijd begint uit de verzwakken.
Hij
kan bijna geen maagde meer pakken.
Want echte maagde worden zeldzaam.
De meisjes laten zich te vlug gaan.
Ze hebben reeds lang ontucht bedreven,
voor hij ze een beet kan geven.
Dan is zijn artomatenzap overgeschakeld.
Maar heeft zichzelf nog erger toegetakeld.
Van de koolhydraten die hij nu moet missen,
staan allemaal zijn ogen vol varissen.
Zijn tanden plooien, ze gaan te vlug verslijten.
Van door die blikken dozen heen te bijten.
Zo meisjes,
blijf alsjeblieft wat langer thuis.
En geef niet al jullie bloed aan het rode kruis.
Maar laat nog
een paar liter voor die drommel.
Of hij krepeert nog van die rommel.
Laat hem niet in geknaars en in geween.
Maar ga deze nacht nog naar hem heen.